« Terug

De Haagse Hogeschool

Leertraject BDB/BKE

Beschrijving leertraject Basiskwalificatie Didactische Bekwaamheid (BDB), inclusief de Basis Kwalificatie Examinering (BKE)

aansluiting BDB (inclusief BKE) op onderwijs- en personeelsbeleid
- opzet leertraject BDB (inclusief BKE)
toetsing en beoordeling van de BDB (inclusief BKE)

Aansluiting BDB (inclusief BKE) op onderwijs- en personeelsbeleid

 

Doelgroep / toelatingseisen

Beleid ten aanzien van nieuwe docenten

Iedere nieuwe docent start na maximaal een jaar na indiensttreding met de BDB (indien geen vrijstelling). Voorafgaand aan de BDB volgt een docent die geen enkele onderwijservaring heeft de start-up, een kortdurend programma waarin de deelnemer de basisbeginselen van didactiek leert.

De BKE is integraal opgenomen in de BDB en daarmee heeft iedere docent die de BDB op zak heeft ook de BKE behaald. Als een nieuwe docent vrijstelling heeft voor de didactische bekwaamheid op basis van een voorloper van de BDB (BKO of PDV), dan volgt de nieuwe docent de BKE.

Beleid ten aanzien van zittende docenten

Van alle docenten met een vaste aanstelling wordt een BDB of een voorloper ervan verwacht. Mocht een zittende docent niet eerder een didactische (BDB) of examineringsbekwaamheid (BKE) hebben behaald, dient deze alsnog behaald te worden. De BKE wordt, naast integraal in de BDB, ook als losse opleiding aangeboden voor docenten die een voorloper van de BDB hebben gevolgd (BKO of PDV).

Didactische bekwaamheid

Na indiensttreding beoordeelt de hogeschool of een docent zowel didactisch als examineringsbekwaam is. Dit wordt vastgelegd.

In overeenstemming met het Landelijke Protocol BDB vindt erkenning plaats van een behaald BDB-certificaat bij een andere hogeschool.

Voor alle docentfuncties met een minimale aanstellingsgrootte van 0,4 fte geldt dat de BDB behaald moet worden, voordat overgegaan wordt op een vaste aanstelling bij de hogeschool. Ingeval van een kleinere aanstelling volgt overleg.

Intake

Voorafgaand aan het BDB-traject wordt een intake gehouden met de deelnemende docent, diens leidinggevende en een docentopleider. Het doel van de intake is het managen van de verwachtingen, het bespreken van de benodigde faciliteiten en het maken van afspraken. Ook vindt er een online zelf-assessment plaats. Hiermee wordt de voorkennis geactiveerd en verkrijgen de docentopleiders inzicht in het startniveau van de deelnemers.

Maatwerk

Een deelnemer kan een EVC-procedure volgen waarbij deze beroepsproducten op kan leveren zonder de klassikale bijeenkomsten te volgen. De keuze hiervoor ligt bij de deelnemer en diens leidinggevende.

Deelnemers werken gedurende de BDB aan eigen (vastgestelde) beroepsproducten. De docent kiest zelf, veelal in overleg met de opleiding, welke onderwijseenheden hiervoor gebruikt worden. Hiermee is de koppeling met de dagelijkse praktijk gegarandeerd.

Anderstaligheid

De BDB en BKE worden zowel in het Nederlands als in het Engels aangeboden.

 

Opzet leertraject BDB (inclusief BKE)

 

Organisatie

  • De BDB en BKE vallen onder Teaching & Learning, het onderdeel binnen The Hague Center for Teaching and Learning (HCTL) dat zich bezighoudt met docentprofessionalisering. HCTL is onderdeel van de dienst HRM (unit HRD) en is onder andere verantwoordelijk voor de BDB en BKE. De programmacoördinatoren BDB en BKE verzorgen de dagelijkse gang van zaken en aansturing van de docentopleiders.
  • Het traject wordt centraal georganiseerd en intern uitgevoerd. Er wordt voornamelijk gewerkt met docentopleiders, die naast hun reguliere docenttaken in het primaire proces docentopleider zijn in de BDB en/of BKE.
  • De bijeenkomsten zijn met een vaste leergemeenschap van maximaal twaalf deelnemers.
  • Per leergemeenschap wordt een team van docentopleiders met ieder een eigen expertise ingezet. Deelnemers ervaren zo verschillende manieren van doceren en verschillende perspectieven, wat hen helpt in hun eigen ontwikkeling.
  • HCTL maakt gebruik van een certificeringscommissie, die het vrijstellingenbeleid uitvoert, de OER handhaaft en de certificaten uitgeeft.

Leerdoelen / bekwaamheid

De BDD en de BKE zijn afgestemd op de landelijke leerdoelen, zoals vastgelegd in het Protocol BDB (doceren, begeleiden van studenten, ontwerpen van onderwijs, toetsen en professioneel docentschap). Daarnaast zijn de trajecten in lijn met de Haagse onderwijsvisie en het toetsbeleid.

Programma

De BDB duurt twintig weken (semester) en wordt tweemaal per jaar aangeboden, veelal in parallelgroepen. Wekelijks zijn er klassikale bijeenkomsten, waarvoor voorbereiding noodzakelijk is. De bijeenkomsten zijn verweven met zelfstudie en bieden deelnemers input om zelfstandig aan opdrachten en beroepsproducten te kunnen werken. Er is ruimte voor flipping the classroom, het uitwisselen van ervaringen, feedback van docentopleiders en peers en opdrachten.

In deze twintig weken passeren de vijf thema’s afwisselend de revue. In de eerste helft ligt de nadruk op onderwijs ontwerpen en toetsing, in de tweede helft verschuift de aandacht naar doceren, begeleiden en professioneel docentschap.

De BKE kent vele vormen. Docenten kunnen bijvoorbeeld individueel de BKE volgen via het open (klassikale) aanbod of in EVC, maar ook via een teamontwikkeltraject waarbij een team van docenten samen de BKE doet. Ook e-learning gaat steeds meer een rol krijgen in de BKE.

De BDB en BKE:

  • Sluiten aan bij de onderwijsvisie, het toetsbeleid en de strategie van de hogeschool, zodat docenten vanuit deze Haagse kleur opereren.
  • Bestrijken alle landelijke competenties die aan deze opleidingen zijn toegekend.
  • Vormen een voorbeeld van ‘practice what you preach’. De BDB is daarmee een rolmodel van wat er van docenten wordt verwacht.
  • Zijn evidence based en maken gebruik van theorie die maximaal aansluit bij de dagelijkse beroepspraktijk van de docent, zodat de inzichten direct toepasbaar zijn.
  • Bieden docenten de mogelijkheid om zelf de opdrachten en beroepsproducten vorm te geven, zodat ze optimaal aansluiten bij hun persoonlijke (leer)behoefte.
  • Vragen nauwe betrokkenheid van de naaste werkomgeving van de docent voor bijvoorbeeld feedback, lesbezoeken en intercollegiaal overleg. Zo wordt er tevens aan teamontwikkeling gewerkt.
  • Zijn een voorbeeld van blended learning, waardoor de trajecten aansluiten bij de meest recente onderwijsontwikkelingen.
  • Dagen de docent voortdurend uit om een onderzoekende houding aan te nemen en zaken te onderbouwen.
  • Zijn vooral praktisch ingestoken, zodat de transfer weinig energie kost en de docent direct aan de slag kan met de aangeleerde vaardigheden.
  • Zijn geënt op actief leren en gaan uit van ervarend leren.

De deelnemende docenten gaan tijdens de BDB en BKE aan de slag met beroepsproducten die ook nodig zijn voor de dagelijkse praktijk. De professionalisering staat zodoende niet naast de reguliere werkzaamheden, maar vormt daar een onderdeel van.

Duur en omvang

De totale studiebelasting van de BDB is 300 uur. Per week hebben de deelnemers 12 uur nodig voor het verwerken van de literatuur, het maken van de opdrachten, het voorbereiden van de bijeenkomsten en de beroepsproducten. Daarnaast is 3 uur per week nodig voor intercollegiaal overleg en afstemming. Een nieuwe docent doet immers langer over taken dan een zittende docent. De BDB duurt een semester, bestaande uit twintig weken.

De BKE vraagt een tijdsinvestering van 75 uur. De gekozen onderwijsvorm bepaalt over welke termijn deze uren zijn verdeeld.

Cursusmateriaal

Als literatuur wordt gebruikgemaakt van:

  • Hattie, Leren zichtbaar maken.
  • Kallenberg, Van der Grijspaarde, Ter Braak en Baars, Leren (en) doceren in het hoger onderwijs.
  • Van Berkel, Bax en Joosten-Ten Brinke, Toetsen in het hoger onderwijs.
     

Toetsing en beoordeling van de BDB (inclusief BKE)

 

Toetsing en beoordeling

De toetsing van de BDB bestaat uit formatieve en summatieve toetsing. De laatste bestaat uit een portfolio (deel 1 op de helft van de BDB en deel 2 aan het eind van de BDB) en twee Criteriumgerichte Interviews (CGI). De CGI’s worden ingezet als toelichting en verdieping op het portfolio (onderbouwing ‘vinden’ met ‘weten’, reflectie en transfer). Als beoordelingsformulier wordt een rubric gehanteerd die de vijf rollen van de docent onderscheidt.

Per onderdeel (doceren, studenten begeleiden, onderwijs ontwerpen, toetsing en professioneel docentschap) levert een deelnemer beroepsproducten op. Voor het thema toetsing (BKE) is dat bijvoorbeeld een toetsmatrijs, een toets met bijbehorend antwoordmodel en beoordelingsformulier en een toetsanalyse. Deze beroepsproducten worden in een portfolio verzameld.

Voor het portfolio deel 1richt de deelnemer zich op de beroepsproducten van ontwikkelen en toetsen. Voordat het portfolio wordt ingeleverd, heeft de docent formatieve feedback ontvangen van zowel peers als van de docentopleider. Het portfolio wordt nagekeken door twee assessoren die vervolgens een CGI afnemen met de deelnemer. Is het resultaat van dit deel van het portfolio plus het CGI positief, dan heeft de docent deze onderdelen afgerond. Is de uitslag negatief, volgt een aanpassing van de beroepsproducten en, indien nodig, een nieuw CGI.

In het portfolio deel 2 komen de beroepsproducten voor doceren, studenten begeleiden en professioneel docentschap aan bod. Ook hierop ontvangt de docent formatieve feedback van peers en de docentopleiders. Na het inleveren van het portfolio deel 2 volgt wederom een CGI met twee assessoren. Is het resultaat van dit deel van het portfolio plus het CGI positief, dan heeft de docent deze onderdelen afgerond. Is de uitslag negatief, volgt een aanpassing van de beroepsproducten en, indien nodig, een nieuw CGI.

Als alle vijf de thema’s voldoende zijn bevonden, dan ontvangt de deelnemer een voldoende voor de BDB en daarmee het landelijk erkende certificaat.

De assessoren zijn zoveel mogelijk andere docentopleiders dan degenen die de deelnemers tijdens de bijeenkomsten hebben begeleid.

Certificering

De deelnemer ontvangt na twintig weken, na het succesvol afronden van de twee CGI’s, het BDB-certificaat plus het BKE-certificaat in het Nederlands en Engels. Deelnemers die alleen de BKE doen en een vrijstelling hebben voor de didactische bekwaamheid op basis van bijvoorbeeld de BKO of PDV, ontvangen enkel een BKE-certificaat in het Nederlands en Engels.

De certificering heeft geen geldigheidsduur.

Het certificaat wordt afgegeven door de certificeringscommissie van het HCTL (equivalent van een examencommissie).
 

Meer informatie

Joice van Casteren
Coördinator BDB
 j.vanCasteren@hhs.nl 

Babette Dolfin
Coördinator BKE
 B.S.Dolfin@hhs.nl

terug naar de lijst met hogescholen

Bijgewerkt oktober 2019

Zestor, arbeidsmarkt- en opleidingfonds hbo is opgericht door partijen bij de cao-hbo: