Dag van de kennisuitwisseling - 19 januari 2010

Het Amsterdamse pakhuis De Zwijger dankt zijn naam aan Willem van Oranje, alias De Zwijger. Deze bijnaam kreeg hij omdat hij nooit het achterste van zijn tong liet zien. Iets wat op de deelnemers aan de Dag van de kennisuitwisseling niet van toepassing is. Zij gaan open en eerlijk de dialoog met elkaar aan in De Zwijger. En wat hun betreft blijft die dialoog een vast punt op de hbo-agenda. 

Een dialoog: hoe moet dat?

Jeannette de Vries, directeur Zestor, arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo, geeft het startsein. Ze blikt vooruit op 2010, naast voortzetting van bestaande thema’s zijn extra activiteiten gericht op medewerkers (loopbaanontwikkelinggerichte bijdrage), de dialoog tussen medewerker en leidinggevende en de medezeggenschap (versterking van de kwaliteit in het hbo).  Dan is het woord aan dagvoorzitter Hester Macrander, cabaretière en columniste. Die meteen inkopt met een vertrouwde vergelijking: ‘Een goede dialoog, da’s nog niet zo makkelijk. Hoe vaak gaat het al niet mis in je gezin of je relatie? Ik ben benieuwd wat jullie een goede dialoog vinden. En vooral: hoe kóm je tot een goede dialoog? De gouden tip wordt aan het einde van de dag beloond met een prijs.’

Turfsmurfen

Die prijs is het gesigneerde boek ‘Leidinggeven aan Professionals? Niet doen!’ van Mathieu Weggeman. Hij geeft vandaag zijn visie op leiderschap. En dat doet hij – ondanks de ernst van zijn onderwerp – met een flinke dosis humor. Regels en procedures –Weggeman illustreert ze met termen als ‘infantiele bureaucratische nikserigheid’, ‘turfsmurfen’ en ‘spreadsheetfundamentalisten’ – moeten voor tachtig procent opgeheven worden. ‘Professionals moet je zelf laten handelen’, vindt Weggeman. ‘Zij laten zich niet leiden door een manager met een MBA en met nul ervaring op de werkvloer.’ Neem een hogeschool: docenten laten zich niet zo makkelijk aansturen door een directie zonder onderwijsachtergrond. Daarnaast hamert Weggeman op de collectieve ambitie. Die bereik je alleen door samen te werken en de dialoog te voeren. Voor het bevorderen daarvan adviseert Weggeman: ‘Leer elkaars vaktaal spreken, wees oprecht geïnteresseerd in elkaar en durf assertief te zijn. Zeg wat je bedoelt en draai niet om de hete brei heen.’

Dialoog in praktijk: parallelsessies

Verspreid over de dag kunnen de deelnemers kiezen uit twaalf workshops. Een terugblik op een aantal daarvan:

In de workshop ‘Professionele ruimte in het hbo’, is de opdracht om eerst in tweetallen en daarna in viertallen te vertellen wie ze zijn en wat voor hun professionele ruimte betekent. Voor de een betekent het dat je gelukkig wordt van je baan. En dat werk en beroep een dagelijkse bron van inspiratie zijn. Een ander geeft aan dat het belangrijk is te weten wie waarvoor verantwoordelijk is. Weer een ander vindt dat professionele ruimte gepaard gaat met een professionele attitude. ‘We moeten elkaar meer aanspreken en waarderen. En ook: zelfkritischer zijn.’

Interactie

De discussie is in volle gang bij de workshop ‘Ouder worden in het hbo’. Centrale vraag is: ‘hoe kunnen we de dialoog in de arbeidsrelatie organiseren en faciliteren?’ Een deelnemer reageert: ‘Door het niet van bovenaf de organisatie in te droppen. Het gaat om de collectieve ambitie. Een oudere werknemer zou tegen een jongere moeten zeggen ‘wat kan ik brengen om jou goed te laten functioneren?’ Mensen moeten meer de interactie met elkaar opzoeken.’ Een ander beaamt dat: ‘De meest bruisende ideeën ontstaan als een ‘grijze’ wetenschapper met een ‘groene’ aio vrijblijvend een bakje koffie drinkt – maak gebruik van die informele momenten!’

Ook in de workshop ‘Het medewerkerstevredenheidsonderzoek’ is de discussie goed op stoom. Hogeschool Zeeland heeft als eerste hogeschool met succes het  Tevredenheid Instrument Medewerkers (TIM)  ingezet. Er wordt met enige scepsis gereageerd: ‘In plaats van met elkaar te praten, worden lijsten rondgestuurd. Idealiter heb je zo’n onderzoek helemaal niet nodig, maar haal je het uit de dialoog.’ Een andere deelnemer reageert: ‘Ja, maar dan heb je wél een instrument nodig om het gesprek aan te zwengelen.’

Informeel doorpraten

De tijd vliegt en de discussies zijn haast niet te stoppen. De lunch geeft gelegenheid om in informele sfeer verder te praten, onder het genot van een Italiaans broodjesbuffet met – vanaf de vijfde verdieping – een inspirerend uitzicht op de Amsterdamse skyline. Om 13.30 uur roept dagvoorzitter Hester Macrander de deelnemers weer bijeen: ‘Hebben jullie voldoende algemene gespreksvaardigheden om moeilijke gesprekken te voeren?’ Een deelnemer reageert: ‘Het is moeilijk om mensen bijvoorbeeld te confronteren met het feit dat ze niet functioneren. In het bedrijfsleven zijn ze daar veel harder in dan op hogescholen.’ Een andere deelnemer zegt: ‘Lef en visie zijn juist nodig voor een goed gesprek. Je moet niet vaag zijn, ook niet in moeilijke gesprekken.’ Vlak voor de volgende workshopronde geeft Hester de deelnemers nog een open vraag mee: ‘Wat heb jij nodig om – ik verwijs naar het onderzoek van Weggeman – in de ‘flow’ te blijven en hoe kan de hogeschool je daarbij faciliteren?’

Parallelsessies: het vervolg

Na de lunchpauze splitsen de deelnemers zich weer op in verschillende groepen. In de workshop ‘Kroon op het werk’ vertelt Bram Sluis van RSG Enkhuizen hoe je de ‘klaagcultuur’ van hoogopgeleide mopperkonten kunt ombuigen naar een ondernemende cultuur. ‘Op individueel vlak kunnen mensen heel betrokken zijn, maar als ze geen invloed op hun omgeving kunnen uitoefenen worden ze passief. Er moet dus meer betrokkenheid gecreëerd worden.’

In de workshop ‘Aan de slag met interculturele dilemma’s’ geeft een deelnemer een concreet voorbeeld uit haar praktijk. ‘We gingen met ons team naar een congres dat tegelijk viel met de ramadan. Daardoor konden twee collega’s niet mee. Heel jammer, maar ik weet niet hoe dit anders had gekund.’ Voor de deelnemers is de problematiek herkenbaar. Samen proberen ze tot oplossingen te komen, onder meer met de ‘socratische dialoog’.

De gouden tip!

Het is vier uur geweest. Hoog tijd voor een gezamenlijke afsluiting en een antwoord op de vraag ‘Hoe kom je tot een goede dialoog?’. Eerst is het woord aan Willem Jelle Berg, bestuurslid Zestor arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo. Met één muisklik onthult hij de nieuwe stimuleringsregeling 500 POP: een extra budget om de persoonlijke ontwikkeling van medewerkers in het hbo te bevorderen. Dan is het tijd om de gouden tip voor een goede dialoog te onthullen. Hester Macrander noemt de zeven beste inzendingen. De prijs gaat naar Wiebe Buis van de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden.  Zijn tip: ‘Je komt pas tot een goede dialoog door eerst de vraag te stellen wie we willen zijn in plaats van wat we moeten doen. Je  moet eerst weten met welk doel je de dialoog voert.’ Een eervolle vermelding is er voor de tip ‘Van verbale diarree naar virtuoos samenspel’. Dat geeft stof tot nadenken én tot het voeren van een goed gesprek tijdens de borrel…

Presentatie gemist?

Kon u er niet bij zijn of heeft u een workshop gemist? Download hier de presentaties:


Terug naar overzicht

Share | PrintRSS